Kort antwoord: van de populaire zakelijke rekeningen valt alleen bunq onder het Nederlandse depositogarantiestelsel. Knab valt sinds 29 november 2025 onder het Oostenrijkse stelsel en Revolut onder het Litouwse. Qonto, Finom, Wallester en SumUp zijn betaalinstelling of elektronischgeldinstelling en vallen daarmee onder geen enkel garantiestelsel — daar geldt safeguarding, en dat is iets anders.
Twee zoekopdrachten die in Nederland concreet worden getikt: “finom depositogarantiestelsel” en “is qonto een bank”. Dat zijn geen nieuwsgierige vragen, dat zijn vragen van ondernemers die net hun btw-potje op een nieuwe rekening hebben gezet en zich afvragen of dat verstandig was.
Op de vergelijkingssites die op die termen ranken, krijg je daar één regel over. Meestal iets als “let op: dit is geen bank”. Wat dat praktisch betekent — of je geld weg is, of je het terugkrijgt, en hoe lang dat duurt — staat er niet bij.
Dit artikel beantwoordt die vraag wel, met de registergegevens erbij: wie welke vergunning heeft, van welke toezichthouder, en wat die vergunning wel en niet dekt. Alle gegevens komen uit openbare registers en van de aanbieders zelf, met bron en controledatum.
Dit is een feitelijke uitleg op basis van openbare registers, geen financieel advies. Waar jij je geld aanhoudt, hangt af van gegevens die wij niet hebben — en over die keuze mogen en willen we je niets voorschrijven.
Wil je alle pakketten naast elkaar zien? Ons hoofdoverzicht beste boekhoudprogramma 2026 vergelijkt 13 Nederlandse boekhoudpakketten op prijs, btw-aangifte, bankkoppeling en koppelingen.
Drie soorten vergunning, en dat is het hele verschil
Bijna alle verwarring in dit onderwerp komt doordat drie verschillende dingen “een rekening” heten.
Een bank. Een instelling met een bankvergunning mag geld van het publiek aantrekken en uitlenen. Daar staat een zware toezichtlast tegenover, én een garantiestelsel: valt de bank om, dan keert een fonds tot € 100.000 per rekeninghouder per bank uit. Elk EU-land heeft zo’n stelsel, en welk stelsel geldt, hangt af van het land waar de bankvergunning is verleend — niet van het land waar jij woont of waar je IBAN begint.
Een betaalinstelling. Die mag betalingen uitvoeren, maar geen geld aantrekken om uit te lenen. Jouw saldo is bij zo’n instelling formeel geen “deposito” maar geld dat op weg is naar een betaling. Er is geen garantiestelsel. In plaats daarvan geldt de verplichting om klantgeld gescheiden te houden van het eigen vermogen: safeguarding.
Een elektronischgeldinstelling. Vergelijkbaar met een betaalinstelling, maar met de bevoegdheid om elektronisch geld uit te geven — een saldo dat je kunt aanhouden en uitgeven. Ook hier geen garantiestelsel, wel safeguarding.
Het onderscheid is niet theoretisch. Het bepaalt wat er gebeurt met je saldo als het misgaat, en het bepaalt of je een uitkering krijgt van een fonds of een positie in een afwikkeling.
Wat safeguarding is, en wat het niet is
Safeguarding betekent dat de instelling jouw geld apart moet zetten. In de praktijk gebeurt dat op twee manieren: het geld staat op een afgescheiden rekening bij een bank die zelf een vergunning heeft, of het loopt via een stichting derdengelden. In beide gevallen is het doel hetzelfde: het geld hoort niet bij het vermogen van de instelling en valt dus niet in de failliete boedel als die omvalt.
Dat is echte bescherming. Het is alleen een ander soort bescherming dan het depositogarantiestelsel, op vier punten.
Wie betaalt. Bij een garantiestelsel keert een fonds uit dat door alle deelnemende banken is gevuld. Bij safeguarding komt je geld uit de afgescheiden rekening zelf — er is geen fonds dat bijpast.
Hoe snel. Een garantiestelsel kent wettelijke uitkeringstermijnen die in dagen worden geteld. Bij safeguarding stelt een curator eerst vast wat er op de afgescheiden rekening staat en wie daar recht op heeft. Dat is een administratieve reconstructie, en die kost maanden.
Wat het risico is. Bij een garantiestelsel is het risico dat de bank omvalt, en dat is precies wat gedekt is. Bij safeguarding is het risico verschoven: niet dat er geen geld is, maar dat de administratie niet klopt, dat er een tekort is ontstaan, of dat de bank waar het afgescheiden geld staat zelf in de problemen komt.
Waar het bedrag ophoudt. Het garantiestelsel stopt bij € 100.000. Safeguarding kent zo’n grens niet, maar geeft ook geen garantie — het is geen dekking maar een scheiding.
Kort gezegd: bij een bank weet je hoeveel je terugkrijgt en ongeveer wanneer. Bij een betaalinstelling is de kans groot dat je alles terugkrijgt, maar weet je niet wanneer, en hangt dat af van hoe goed de administratie op orde was.
Voor je werkkapitaal — geld dat er toch maar een paar weken staat — is dat verschil in de praktijk klein. Voor een btw-reservering van tienduizenden euro’s die je pas bij de kwartaalaangifte aanraakt, is het dat niet.
De tabel: wie is wat, en onder welk toezicht
| Aanbieder | Wat het is | Toezichthouder | Garantiestelsel |
|---|---|---|---|
| bunq | Bank, Nederlandse vergunning | DNB | Ja — Nederlands, tot € 100.000 |
| Knab | Bank, Oostenrijkse vergunning via Nederlands bijkantoor | Oostenrijks toezicht | Ja — Oostenrijks, sinds 29-11-2025, tot € 100.000 |
| Revolut | Bank, Litouwse vergunning via Nederlands bijkantoor | Litouws toezicht | Ja — Litouws |
| Finom | Elektronischgeldinstelling, Nederlandse vergunning | DNB | Nee — safeguarding |
| Qonto | Betalingsinstelling, Franse vergunning | ACPR (Frankrijk) | Nee — safeguarding, geld bij partnerbanken |
| Wallester | Betalingsinstelling, Estse vergunning | Finantsinspektsioon (Estland) | Nee — safeguarding |
| SumUp | Elektronischgeldinstelling, Ierse vergunning | Central Bank of Ireland | Nee — safeguarding |
De bedragen gelden per rekeninghouder per bank. Hieronder per aanbieder de entiteit, het vergunningtype en het registernummer zoals wij die hebben aangetroffen — dezelfde gegevens, alleen uitgeschreven in plaats van in een kolom geperst.
Registergegevens en vergunningsteksten
- bunq — bunq B.V., Amsterdam. Vergunningtype “Art. 2:12, lid 1 Wft”, ingangsdatum 17-09-2014. DNB-register banken, relatienummer R127999.
- Knab — handelsnaam van BAWAG P.S.K. Bank für Arbeit und Wirtschaft und Österreichische Postsparkasse AG, via het Nederlandse bijkantoor. Vergunningtype bank, Oostenrijks toezicht; geen eigen registernummer opgenomen. Dekking: het Oostenrijkse stelsel sinds 29-11-2025, tot € 100.000 per rekeninghouder per bank.
- Revolut — Revolut Bank UAB, Vilnius; bijkantoor Barbara Strozzilaan 201, Amsterdam. Vergunningtype bank, Litouws toezicht; over het Nederlandse bijkantoor staat in het register dat het “uitsluitend onder integriteittoezicht van DNB” staat. DNB-register banken, relatienummer R183723.
- Finom — FINOM Payments B.V., Amsterdam. Vergunningtype “Betaalinstelling, Elektronischgeldinstelling”, ingangsdatum 11-11-2021. DNB-register elektronischgeldinstellingen, relatienummer R180074.
- Qonto — Qonto SA, Frankrijk. Eigen omschrijving: “Een gereguleerde betalingsinstelling”, onder toezicht van de ACPR; geen registernummer opgenomen.
- Wallester — Wallester AS, Estland. Eigen omschrijving: “A Payment Institution, licensed by the Finantsinspektsioon”; geen registernummer opgenomen.
- SumUp — SumUp Limited, Ierland. Elektronischgeldinstelling onder de Central Bank of Ireland; geen registernummer opgenomen.
Bronnen: DNB openbaar register (registerdetailpagina’s van bunq B.V., Revolut Bank UAB en FINOM Payments B.V.), knab.nl/depositogarantiestelsel, de voettekst van qonto.com/nl, wallester.com/business/pricing en de voettekst van sumup.com/nl-nl — alle gecontroleerd op 11 september 2026.
Twee opmerkingen bij deze tabel.
“Onder DNB-toezicht” is niet hetzelfde als “onder het depositogarantiestelsel”. Finom staat met een Nederlandse entiteit en een Nederlandse vergunning in het DNB-register. Dat is een echt en controleerbaar toezichtfeit, en het is precies waarom veel ondernemers denken dat het geld gegarandeerd is. Dat is het niet: het vergunningtype is elektronischgeldinstelling, geen bank.
Een Nederlandse IBAN zegt niets over het stelsel. Een IBAN die met NL begint kan van een Nederlandse elektronischgeldinstelling zijn, en een bank met een buitenlandse vergunning kan Nederlandse klanten bedienen via een bijkantoor. Kijk naar de vergunning, niet naar de eerste twee letters van je rekeningnummer.
Knab: van Nederlands naar Oostenrijks
Dit is de wijziging die de meeste Nederlandse ondernemers raakt en die je op geen enkele vergelijkingssite terugziet.
Knab schrijft op zijn eigen pagina over het depositogarantiestelsel: “Op 29 november 2025 is de fusie van Knab N.V. met BAWAG officieel afgerond” en “valt je geld niet langer onder de Nederlandse Depositogarantie, maar onder het Oostenrijkse depositogarantiestelsel”. Knab is volgens diezelfde pagina “een handelsnaam van BAWAG P.S.K. Bank für Arbeit und Wirtschaft und Österreichische Postsparkasse Aktiengesellschaft”, en de dekking blijft “je spaargeld beschermd tot maximaal € 100.000 per rekeninghouder per bank” (knab.nl/depositogarantiestelsel, gecontroleerd op 11 september 2026).
Wat verandert er praktisch? Het bedrag niet: € 100.000 is een Europees geharmoniseerde grens en geldt in Oostenrijk net zo goed als in Nederland. Wat verandert is de uitvoerende instantie en daarmee de route bij een uitkering: een Oostenrijks stelsel, in een ander land, in een andere taal, met een andere administratie.
En er is een tweede gevolg dat vaker over het hoofd wordt gezien: de grens van € 100.000 geldt per bank, niet per rekening. Had je geld bij Knab én bij een andere BAWAG-entiteit, dan tellen die samen. Voor de meeste ondernemers is dat theoretisch, voor wie een verkoopopbrengst of een grote reservering aanhoudt niet.
Wat Knab verder kost en wat er in het tarief zit — 500 transacties per jaar in het basispakket van € 7 — staat in zakelijke rekening zzp en mkb 2026.
Revolut: Litouws stelsel, Nederlands bijkantoor
Revolut Bank UAB heeft een bankvergunning, en dat is een wezenlijk verschil met Qonto en Finom. Alleen is die vergunning Litouws, en het Nederlandse kantoor is een bijkantoor. In het DNB-register staat bij Revolut Bank UAB, relatienummer R183723, letterlijk: “Dit bijkantoor in Nederland staat uitsluitend onder integriteittoezicht van DNB” (gecontroleerd op 11 september 2026).
Vertaald: het prudentiële toezicht — solvabiliteit, kapitaal, de vraag of de bank gezond is — ligt in Litouwen, en DNB kijkt alleen naar de integriteitskant. Het garantiestelsel dat bij die vergunning hoort, is het Litouwse.
Dat is niet per se erger. De Europese regels achter het garantiestelsel zijn geharmoniseerd en het bedrag is overal € 100.000. Wel is het een andere instantie dan je verwacht als je in Nederland zakendoet met een kantoor aan de Zuidas.
Qonto: geen bank, wel geld bij banken
Qonto is de aanbieder waarover de meeste verwarring bestaat, mede doordat de commerciële teksten over “bescherming tot € 100.000” spreken.
Wat Qonto zelf in de voettekst van zijn Nederlandse site schrijft, is dat het “een gereguleerde betalingsinstelling” is, “goedgekeurd en gecontroleerd door de Autoriteit voor Prudentieel Toezicht en Resolutie (ACPR)” (gecontroleerd op 11 september 2026). Geen bank dus, en geen deelnemer aan een depositogarantiestelsel.
Wat er in plaats daarvan gebeurt: Qonto plaatst klantgeld bij Franse partnerbanken die zelf wél een bankvergunning hebben. In die constructie bestaat er een route naar het Franse garantiefonds via die banken. Maar dat is een andere bescherming dan een rekening bij een bank: je bent geen rekeninghouder bij die partnerbank, de dekking geldt per bank waar het geld staat, en de uitkering verloopt niet rechtstreeks.
De praktische conclusie is genuanceerder dan “onveilig”. Voor betalingsverkeer is Qonto een gereguleerde partij onder Frans prudentieel toezicht. Voor het parkeren van een groot bedrag over langere tijd is het model iets anders dan een bankrekening, en dat is het punt dat je moet kennen voordat je die keuze maakt — niet erna. Wat Qonto kost, staat in zakelijke rekening zzp en mkb 2026; welke boekhoudpakketten Qonto zelf noemt, in welke zakelijke rekening koppelt met je boekhouding.
Finom, Wallester en SumUp: onder toezicht, zonder garantiestelsel
Deze drie zitten in dezelfde categorie, met elk een eigen toezichthouder.
Finom. FINOM Payments B.V. staat in het DNB-register elektronischgeldinstellingen met relatienummer R180074, vergunningtype “Betaalinstelling, Elektronischgeldinstelling”, statutaire zetel Amsterdam, ingangsdatum 11 november 2021 (gecontroleerd op 11 september 2026). Nederlandse entiteit, Nederlandse vergunning, Nederlands toezicht — en géén depositogarantie. Dat is de combinatie die de zoekopdracht “finom depositogarantiestelsel” verklaart.
Wallester. Wallester AS is een Estse partij die zichzelf beschrijft als “a Payment Institution, licensed by the Finantsinspektsioon”, de Estse toezichthouder (gecontroleerd op 11 september 2026). Ook hier: betaalinstelling, geen bank, geen garantiestelsel.
SumUp. In de voettekst van sumup.com staat dat SumUp Limited wordt gereguleerd door de Central Bank of Ireland (gecontroleerd op 11 september 2026). Dat is relevant voor iedereen die pinomzet een paar dagen op zijn SumUp-saldo laat staan voordat die wordt uitbetaald. Hoe lang dat in de praktijk duurt en wat de tarieven zijn, staat in pinapparaat kosten 2026 en SumUp kosten 2026.
Wat dit betekent voor je btw-potje
De situatie waarin dit onderscheid daadwerkelijk geld kost, is bijna altijd dezelfde: een ondernemer zet zijn btw en inkomstenbelasting opzij op dezelfde rekening waarmee hij betaalt, bij een partij zonder bankvergunning, en houdt zo per kwartaal een oplopend bedrag aan dat niet van hem is.
Drie dingen die daarbij relevant zijn.
Het gaat om geld dat je moet afdragen. Btw die je hebt geïnd is geld van de Belastingdienst dat tijdelijk bij jou staat. Raak je dat kwijt of kun je er drie maanden niet bij, dan verdwijnt de aanslag niet.
De termijn is langer dan je denkt. Bij kwartaalaangifte staat de btw van de eerste maand van een kwartaal ruim vier maanden op je rekening voordat hij wordt afgeschreven. Bij vennootschapsbelasting loopt dat over een heel jaar.
Het onderscheid kost je niets om te maken. Een tweede rekening bij een vergunninghoudende bank openen, is bij meerdere aanbieders gratis of een paar euro per maand. Dat is een lage prijs voor het wegnemen van een risico dat je verder niet kunt beïnvloeden.
Dat is geen aanbeveling voor een specifieke aanbieder — die geven wij niet — maar een beschrijving van waar het verschil tussen de vergunningtypen in de praktijk zichtbaar wordt.
Zo splits je je geld verstandig
Een werkwijze die veel ondernemers hanteren en die losstaat van welke aanbieder je kiest: scheid op looptijd in plaats van op product.
Dagelijks betalingsverkeer. Geld dat binnen enkele weken weer weg is: salarissen, leveranciers, abonnementen. Hier wegen gebruiksgemak, koppelingen en transactiekosten het zwaarst, en het vergunningtype het minst — er staat toch nooit veel.
Reserveringen en belastinggeld. Geld dat maanden blijft staan en dat je hoe dan ook moet afdragen. Hier weegt het vergunningtype wél, en de vraag onder welk garantiestelsel de instelling valt is een legitiem selectiecriterium.
Buffer en overtollige liquiditeit. Bedragen boven € 100.000 worden bij één bank sowieso niet volledig gedekt, ongeacht het land. Wie daar zit, heeft een andere vraag dan “welke zakelijke rekening” en doet er goed aan die met een eigen adviseur te bespreken — dat is precies het soort persoonlijke afweging waar wij ons niet in mengen.
De praktische controle die je vandaag kunt doen, kost vijf minuten: zoek je eigen aanbieder op in het openbaar register van DNB en kijk in welk register hij staat. Staat hij bij “banken”, dan is er een garantiestelsel. Staat hij bij “betaalinstellingen” of “elektronischgeldinstellingen”, dan niet. Voor buitenlandse aanbieders doe je hetzelfde bij de toezichthouder van het land van de vergunning.
Verder lezen over zakelijke rekeningen
- Zakelijke rekening kosten 2026: 6 profielen doorgerekend
- Qonto review 2026: kosten, IBAN en de kleine letters
- Is een zakelijke rekening verplicht? Per rechtsvorm uitgelegd
- Zakelijke rekening voor bv en holding: wat kost het echt
- Zakelijke rekening zonder KvK: kan dat?
Veelgestelde vragen
Valt mijn geld bij Qonto onder het depositogarantiestelsel? Nee. Qonto beschrijft zichzelf als een gereguleerde betalingsinstelling onder ACPR-toezicht, geen bank. Klantgeld staat apart bij partnerbanken; dat is safeguarding, geen garantiestelsel.
Valt mijn geld bij Finom onder het depositogarantiestelsel? Nee. FINOM Payments B.V. staat in het DNB-register als “Betaalinstelling, Elektronischgeldinstelling” (relatienummer R180074, vergunning ingegaan 11 november 2021). Nederlands toezicht, geen depositogarantie.
Valt mijn geld bij bunq onder het depositogarantiestelsel? Ja. bunq B.V. heeft een Nederlandse bankvergunning (DNB-relatienummer R127999, Art. 2:12 lid 1 Wft, ingangsdatum 17 september 2014) en valt onder het Nederlandse stelsel tot € 100.000 per rekeninghouder per bank.
Onder welk stelsel valt Knab? Het Oostenrijkse, sinds 29 november 2025. Knab is een handelsnaam van BAWAG P.S.K. en meldt dit zelf op zijn pagina over het depositogarantiestelsel. Het bedrag blijft € 100.000 per rekeninghouder per bank.
Onder welk stelsel valt Revolut? Het Litouwse. Revolut Bank UAB heeft een Litouwse bankvergunning; het Nederlandse bijkantoor staat volgens het DNB-register “uitsluitend onder integriteittoezicht van DNB”.
Wat is safeguarding precies? De verplichting van een betaal- of elektronischgeldinstelling om klantgeld gescheiden te houden van het eigen vermogen, bijvoorbeeld op een aparte bankrekening of via een stichting derdengelden. Het geld valt dan buiten de failliete boedel, maar de uitkering verloopt via een curator en niet via een garantiefonds.
Wat wij hiervan vinden
De toon in dit soort artikelen slaat vaak door naar alarm, en dat is niet terecht. Betaalinstellingen en elektronischgeldinstellingen staan onder toezicht, moeten klantgeld afscheiden en zijn geen schimmige constructies. Voor het overgrote deel van het betalingsverkeer van een zzp’er of mkb’er maakt het vergunningtype geen praktisch verschil.
Waar het wél verschil maakt, is bij saldo dat lang blijft staan en dat niet van jou is. Daar is de vraag niet “is deze aanbieder betrouwbaar” maar “wie betaalt mij uit als het misgaat, en wanneer”. Het antwoord daarop staat in de tabel hierboven, en het is bij een bank fundamenteel anders dan bij een betaalinstelling.
Wat wij niet zouden doen: een aanbieder afrekenen op het ontbreken van een garantiestelsel zonder te kijken waarvoor je hem gebruikt. En wat wij evenmin zouden doen: een marketingzin over “bescherming tot € 100.000” lezen als een depositogarantie. Als je één ding uit dit artikel meeneemt, laat het dan zijn dat je die twee uit elkaar kunt houden — en dat het openbaar register van DNB de plek is waar je het zelf in vijf minuten controleert.
Wil je de kosten van deze aanbieders naast elkaar zien in plaats van de vergunningen, dan staat die vergelijking in zakelijke rekening zzp en mkb 2026. En of jouw rekening straks automatisch in je administratie belandt, hangt van je boekhoudpakket af — dat hebben we uitgezocht in welke zakelijke rekening koppelt met je boekhouding en bankkoppeling boekhoudsoftware 2026.